Afdichtingen beschermen lagers tegen vocht, verontreinigingen en voorkomen het weglekken van smeermiddel. De doelmatigheid van de gehele afdichting is van grote invloed op de bedrijfslevensduur van het lager en onderdelen in de reductiekast. Er zijn twee basistypen lagerafdichtingen: niet-slepende (spleet- of labyrintafdichtingen) en slepende afdichtingen. De effectiviteit van niet-slepende afdichtingen hangt af van de afdichtende werking van de smalle spleet. De effectiviteit van een slepende afdichting hangt af van de druk tussen de contactvlakken.
Slepende afdichtingen zijn ontworpen om een klein beetje smeermiddel door te laten.
Dit lekkende smeermiddel smeert de contactvlakken van de afdichting. Als de lekkende
hoeveelheid te groot blijkt, of wanneer vocht en vuil in het lager binnendringen,
moet de afdichting vervangen worden of, indien mogelijk, verstevigd. Vaak kan
in gevallen waar een bepaald type afdichting niet goed genoeg werkt een combinatie
van twee typen een oplossing voor het probleem vormen. Op de volgende vier bladzijden
vindt de verschillende type dichtingen met hun voornaamste kenmerken.
De goede werking van slepende dichtingen volgens DIN 3760 & 3761 hangt af
van de afwerking en de toleranties van de as en het huis. Beide figuren verduidelijken
dit.


Door het inlopen van de lip in de as door de ouderdom of verkeerde materiaalkeuze
kan de reductiekast gaan lekken. Gezien dit soms kostelijke en tijdrovende herstellingen
zijn, bestaan er goedkope asreparatiesets als voorlopige herstelling. Deze set
bestaat uit een dunwandige cylindrische buis met montageflens die over de as wordt
geschoven (Speedy-Sleeve). Zie bijhorende figuur ter verduidelijking.


Voor het afdichten van asopeningen kunnen eenvoudige afdichtkappen gebruikt worden
in plaats van duurdere flenzen of deksels. De gangbare diameters zijn (ØD):
16, 19, 20, 21, 22, 26, 28, 30, 32, 35, 37, 40, 42, 47, 48, 50, 52, 55, 62, 68,
72, 75, 80, 85, 90, 100, 110, 125, 130, 140, 150, 180.
| Afdichtingstype met voorbeeld |
Slepende afdichtingen tegen | Andere eisen | Temperatuur bij afdichting |
Legende: U: aan te raden B: geschikt G: goed T: te vermijden S: ongeschikt |
||||||||||||
| buitenhouden | binnenhouden | |||||||||||||||
| Smerende vloeistof | Niet-smerende vloeistof | Spattende vloeistof | Vloeistof-bad | Stof, licht, droog vuil | Gruis, zwaar vochtig vuil | Stukjes, schilfers | Gas | Olie | Vet | Werkt als vetklep | Neem niet-uitgelijnde as | |||||
| Spatten | Peil boven dichting | |||||||||||||||
| Min °C |
Max °C |
Afdichtingstype met voorbeeld | ||||||||||||||
| 12 12 <6 <20 <20 |
U U U U U |
G G G G G |
U U U U U |
G G G G G |
G B S S G |
T G S S T |
S G S S S |
U U U U U |
U U U U U |
G G T G G |
U U U S U |
T S S T T |
G S S G B |
-40 -40 -40 -40 -40 |
110 110 110 110 110 |
![]() |
| 4 5 0,5 |
S S S |
S S S |
T G G |
S S S |
U U U |
G G S |
G S S |
S S S |
T T T |
S S S |
U U U |
S S S |
T TS |
-50 -30 -100 |
100 120 200 |
|
| 2 4 6 |
G GU |
S S T |
U U U |
G G T |
S S G |
S S T |
S S S |
G G S |
U U B |
G G S |
U U U |
S S U |
S S B |
-40 -40 -30 |
110 110 100 |
![]() |
| 10 26 25 |
U U U |
B B B |
U U U |
U U U |
B U U |
G G G |
U U U |
G G B |
U U U |
U U U |
U U U |
S S S |
S S S |
-90 -200 -240 |
120 350 550 |
![]() |
| 12 12 |
U U |
G G |
U U |
S S |
U U |
T G |
S G |
G G |
U U |
T S |
U U |
U B |
U G |
-40 -40 |
100 100 |
![]() |
| Type |
Speciale eisen voor montagevlakken | Voordelen | Nadelen | Opmerkingen: Algemene opmerking: Een combinatie van twee soorten afdichtingen vormt vaak de oplossing voor een afdichtingprobleem. |
||
| Rmax (Ra) μm |
Max. excentriciteit Øas = 100mm |
Radiale slingering (n=2000tr/min) |
||||
| A/B F G |
1,0-1,5 (0,3-0,5) - - 1,0 |
0,25 - - 0,12 0,5-2 |
0,2 - - 0,08 0,35 |
Dicht goed af. Standaard DIN 3760, BS 1399. Type F is geschikt voor trillende toepassingen. | Afdichting moeilijk te vervangen. Lip wordt gemakkelijk beschadigd. Hoge wrijvingswarmte. | De as moet door middel van insteekslijpen op maat gebracht worden. Voor hoge omtreksnelheden moet de hardheid verhoogd worden tot HRC 60 bij 10 m/s. Een slijtbus kan nuttig zijn. Gedeelde met textiel versterkte gemakkelijk te installeren afdichtingen zijn leverbaar voor grote middellijnen. Met koolstof gevulde PTFE afdichtingen met een maximale pv-waarde van 4,5 MPa m/s hebben goede drooglopende eigenschappen. |
| v>4m/s (1,6-3,2) (0,8) - |
- 0,1 - |
- 0,1 - |
Efficiënt | Vilt Afnemende elasticiteit veroorzaakt ongewenste spleet. Viltring kan krimpen – lekkage. | Viltafdichtingen zijn leverbaar als ring of strip. Kies de juiste dichtheid. Na inlopen = spleetafdichting. Kies voor t > 100°C synthetische materialen, ringen met grafietsmering of iets dergelijks. | |
| - (0,5-1,6) - |
0,1 0,05-0,13 Groot |
<0,05 <0,05 - |
Compact. gemakkelijk te vervangen X-ring: minder wrijving. O-ring op conisch vlak. Eenvoudig, lage wrijving DIN 3770. | Wrijving kan Wisselen ondanks nauwe tolarantie. Op conisch vlak: ring rekt op (veroudering Verminderde afdichting. | O-ringen zijn onder druk bestand tegen hoge pv-waarden; d = 1,05 x asmiddellijn. Bij conisch vlak hellingshoek 30°. O-ringen moeten 10-15% opgerekt worden. Kies ringen die tegen veroudering bestand zijn | |
| as (0,3-,8) Bus (4-5) |
In principe 0 (0,05) Als >0 => Lekkage |
Bestand tegen hoge temperaturen, druk en agressieve stoffen. Gemakkelijk te verstellen of te vervangen. | Nastellen nodig. Hoge wrijvingswarmte. Kans op drooglopen wanneer geen er geen lekkage is. |
De pakking keuze is zeer belangrijk. Bij t > 120°C is geforceerde koeling vereist, maar niet voor grafiet. Als de stof vaste bestanddelen bevat moet het smeer/koelmiddel via een afzonderlijke leiding als spervloeistof aan een ring worden toegevoerd. | ||
| (3-5) - |
Gemakkelijk te monteren. Werkt als slingerschijf. | V-Ringen hebben axiale steun nodig bij v > 7 m/s Bij v > 12 m/s wordt de afdichting op zijn plaats gehouden door een klem of een steunbus. Bij v >18 m/s werkt de afdichting als slingerschijf en spleetafdichting. | ||||
| Afdichtingstype met voorbeeld |
Slepende afdichtingen tegen | Andere eisen | Temperatuur bij afdichting |
Legende: U: aan te raden B: geschikt G: goed T: te vermijden S: ongeschikt |
||||||||||||
| buitenhouden | binnenhouden | |||||||||||||||
| Smerende vloeistof | Niet-smerende vloeistof | Spattende vloeistof | Vloeistofbad | Stof, licht, droog vuil | Gruis, zwaar vochtig vuil | Stukjes, schilfers | Gas | Olie | Vet | Werkt als vetklep | Neem niet-uitgelijnde as | |||||
| Spatten | Peil boven dichting | |||||||||||||||
| Min °C |
Max °C |
Afdichtingstype met voorbeeld | ||||||||||||||
| 20 20 10 |
U U U |
U U U |
U U U |
U U U |
G S U |
S U U |
S S U |
G S G |
U U U |
U U U |
U U U |
S S S |
S S U |
-30 -60 -50 |
180 180 110 |
![]() |
| 5 | U | B | G | S | U | B | G | B | G | S | U | S | T | -40 | 120 | ![]() |
| 20 20 |
G U |
G G |
G G |
S S |
U U |
G U |
G U |
S S |
G G |
S S |
U U |
S S |
T T |
-30 -30 |
150 130 |
![]() |
| Type |
Speciale eisen voor montagevlakken | Voordelen | Nadelen | Opmerkingen: Algemene opmerking: Een combinatie van twee soorten afdichtingen vormt vaak de oplossing voor een afdichtingprobleem. |
||
| Rmax (Ra) μm | Max. excentriciteit Øas = 100mm |
Radiale slingering (n=2000tr/min) |
||||
| 1-5 1-5 - |
1). Bestand tegen draagIopan. Zich instellend 2) Als 1, robuust en gemakkelIjk aan te brengen. |
1) Wrijvingswarmte, afzonderijke koeling soms vereist | Sommige afdichtingen zijn bedoeld om slechts in één 1 richting te draaien Speciale typen zijn leverbaar voor p = 10-5torr -25 MPa, v= 100 m/s en t = +200 tot +400°C. Gasdicht in combinatie met spervloeistof en ring. Lekt tijdens inlopen. | |||
| Compact. Lager- zijkant werkt als tegenvlak | Gemakkelijk beschadigd bij aanbrengen. Wrijvingswarmte bij inlopen. | Goed centreren is van het grootste belang. De rand van de dichting moet concentrisch t.o.v. van het lager lopen. Na inlopen => smalle spleet | ||||
| (3,2) - |
- 0,12 |
- 0,1 |
Gemakkelijk te combineren met andere afdichtingen / afdichtingsringen. | Niet erg geschikt voor radiale afdichtingen. | Vlokken: nylon vezels (22 dtex) lengte 1-3 mm, met epoxylijm op bijv een metalen ring bevestigd Vezeldichtheid 50 à 60 vezels/mm2. Compressie 0 - 0,1 mm. | |
| Afdichtingstype met voorbeeld | Niet-slepende afdichtingen tegen | Andere eisen | Temperatuur bij afdichting |
Legende: U: aan te raden B: geschikt G: goed T: te vermijden S: ongeschikt |
||||||||||||
| buitenhouden | binnenhouden | |||||||||||||||
| Smerende vloeistof | Niet-smerende vloeistof | Spattende vloeistof | Vloeistof-bad | Stof, licht, droog vuil | Gruis, zwaar vochtig vuil | Stukjes, schilfers | Gas | Olie | Vet | Werkt als vetklep | Neem de niet-uitgelijnde as | |||||
| Spatten | Peil boven afdichting | |||||||||||||||
| Min °C |
Max °C |
Afdichtingstype met voorbeeld | ||||||||||||||
| T S S |
S S S |
G G T |
T S S |
G G G |
T S S |
T G G |
S S S |
U |
U |
T T T |
|
|||||
| G T |
S S |
U U |
B G |
U G |
G T |
G G |
S S |
U U |
B U |
T U |
|
|||||
| 50 | G T |
S S |
U U |
B G |
U G |
G T |
T T |
S S |
U U |
B U |
T U |
|
||||
| G | S | U | B | B | T | T | S | U | U | T |
|
|||||
| 15 | G | S | U | B | G | T | T | S | U | T | T | -40 | 120 |
|
||
| Type |
Speciale eisen voor montagevlakken | Voordelen | Nadelen | Opmerkingen: Algemene opmerkingen: 1. Als één bepaald type afdichting niet voldoende is, kan een combinatie van twee soorten afdichtingen vaak de oplossing van het afdichtingsprobleem vormen. 2. Door drukvermindering tijdens afkoelen na bedrijf worden vaak vuil en vocht in het lager gezogen |
||||||||
| Rmax (Ra) μm | Max. excentriciteit Øas = 100mm |
Radiale slingering (n=2000tr/min) |
||||||||||
| 1 | ![]() Radiale labyrinthspleet "As"
a1: Aangenomen dat de lageropstellingen geheel stijf zijn a2 Bij huiszittingen voor zelf instellende lagers Kies bij meervoudige labyrinten de ØAs = gemiddelde. middellijn |
Robuust. Geen slijtage. Geen extra warmte-ontwikkeling. | A-D Vuil en vocht kunnen langs de as binnendringen
D Afdichting werkt alleen wanneer de as draait Draaien slechts in één richting mogelijk |
![]() Spleetafdichtingen moeten daar gebruikt worden, waar weinig kans is op binnendringen van vuil of vocht in het lagerhuis De doelmatigheid van afdichtingen met spleten die met vet gevuld zijn, neemt toe naarmate de lengte van de spleet groter is Bij verticale as opstellingen kan een slingerschijf gebruikt worden om de toegang tot de spleet te beschermen |
||||||||
| 2 | Robuust | Neemt veel ruimte in | Gedeelde huizen of deksels zijn vereist. Houd rekening met de verplaatsing van de as bij het meten van de axiale spleet. Door nasmeren wordt de doelmatigheid van de afdichting sterk verhoogd. Type F kan gebruikt worden bij slecht uitgelijnde assen | |||||||||
| 3 | Robuust Eenvoudig aan te brengen. G Laat enige axiale verplaatsing toe zonder de doelmatigheid van de afdichting te beïnv1oeden | Kan bij hoge snelheden een pompend effect veroorzaken. | De axiale spleet moet breed zijn om veranderingen in de aslengte
te kunnen opvangen. Door nasmeren wordt de doelmatigheid van de afdichting sterk verhoogd. Type H kan gebruikt worden bij slecht uitgelijnde assen. |
|||||||||
| 4 | 0,12 | 0,10 | Compact Doelmatigheid van de afdichting te verhogen door verscheidene eenheden tegelijk te monteren | Breng de huisring het dichtst bij het lager aan. Hierdoor
zal de pompende werking van het lager minimaal zijn |
||||||||
| 5 | Compact | Gemakkelijk beschadigd bij aanbrengen | De ring moet tegen de niet-draaiende component aangedrukt worden. De ruimte tussen de beide ringen is met vet gevuld. | |||||||||
| Afdichtingstype met voorbeeld | Niet-slepende afdichtingen tegen | Andere eisen | Temperatuur bij afdichting |
Legende: U: aan te raden B: geschikt G: goed T: te vermijden S: ongeschikt |
||||||||||||
| buitenhouden | binnenhouden | |||||||||||||||
| Smerende vloeistof | Niet-smerende vloeistof | Spattende vloeistof | Vloei-stof-bad | Stof, licht, droog vuil | Gruis, zwaar vochtig vuil | Stukjes, schilfers | Gas | Olie | Vet | Werkt als vetklep | Neem de niet-uitgelijnde as | |||||
| Spatten | Peil boven afdichting | |||||||||||||||
| Min °C |
Max °C |
Afdichtingstype met voorbeeld | ||||||||||||||
| G | S | U | B | U | T | G | S | U | S | G |
|
|||||
| G | S | U | B | U | T | G | S | U | S | G |
|
|||||
| 20 | G B G G |
S S S S |
U U U U |
B G B B |
U B G G |
G T G G |
G T G G |
S S S S |
U U U U |
S S S S |
T T T T |
-30 | 110 |
|
||
| Type |
Speciale eisen voor montagevlakken | Voordelen | Nadelen | Opmerkingen: Algemene opmerkingen: 1. Als één bepaald type afdichting niet voldoende is, kan een combinatie van twee soorten afdichtingen vaak de oplossing van het afdichtingsprobleem vormen. 2. Door drukvermindering tijdens afkoelen na bedrijf worden vaak vuil en vocht in het lager gezogen |
||
| Rmax (Ra) μm | Max. excentriciteit Øas = 100mm |
Radiale slingering (n=2000tr/min) |
||||
| 6 | Compact Enige axiale beweging toelaatbaar - ringen glijden | Moeilijk na te smeren | ||||
| 7 | Compact Enige axiale beweging toelaatbaar - ringen glijden | Moeilijk na te smeren | ||||
| 8 | Geen hoge eisen aan oppervlakte nauwkeurigheid. | Geen hoge eisen aan oppervlakte nauwkeurigheid. | ||||